
Joop
Stotijn schoonspringafdeling van DSZ
HOMEPAGE - INDEX PAGINA SCHOONSPRING REGLEMENT
REGLEMENT ARTIKEL F12
Artikel F12 Wedstrijden synchroonspringen naar artikel F11 naar artikel F13
12.1
De wedstrijdvorm is;
- een kwalificatiewedstrijd indien er meer dan 12 paren deelnemen;
- een finale.
12.2
De 12 best geplaatste paren van de kwalificatiewedstrijd komen tegen
elkaar uit in de finale.
12.3 Bij
een wedstrijd synchroonspringen gaan twee deelnemers gelijktijdig van de
springplanken of het platform.
12.4 In
elke ronde maken de twee deelnemers exact dezelfde sprong (zelfde sprongcode en
houding). Deze sprongcombinatie heet een duosprong.
12.5 Een
wedstrijd synchroonspringen voor de leeftijdsgroepen C jongens en C meisjes
bestaat uit 4 ronden:
- 2 ronden met een vaste moeilijkheidsfactor van 2,0 per duosprong, ongeacht de
moeilijkheidsfactor van de duosprong en
- 2 ronden met ongelimiteerde duo-sprongen.
12.6 Een
wedstrijd synchroonspringen voor de all-in dames en de leeftijdsgroepen, A/B
gecombineerd jongens, A/B gecombineerd meisjes en S dames bestaat uit 5 ronden:
- 2 ronden van sprongen met een vaste moeilijkheidsfactor van 2,0 per
duosprong, ongeacht de moeilijkheidsfactor van de duosprong en
- 3 ronden met ongelimiteerde duo-sprongen.
12.7
In de wedstrijden synchroonspringen voor all-in dames en de leeftijdsgroep S
dames zullen tenminste vier spronggroepen worden gebruikt en wordt in tenminste
één ronde een duosprong vooruit gemaakt. Bij het plankspringen is deze
duosprong vooruit met aanloop.
12.8 Onder
een duosprong vooruit wordt verstaan een sprong in voorwaartse richting (1) of
in de richting contra (3), met of zonder schroef.
12.9 In
de wedstrijden synchroonspringen voor de leeftijdsgroepen C en A/B zullen
tenminste drie spronggroepen worden gebruikt.
12.10 Een
wedstrijd synchroonspringen voor heren all-in en leeftijdsgroep S heren bestaat
uit 6 ronden:
- 2 ronden van duo-sprongen met een vaste moeilijkheidsfactor van 2,0 per
sprong, ongeacht de moeilijkheidsfactor van de duosprong en
- 4 ronden met ongelimiteerde duo-sprongen.
12.11 In de wedstrijden synchroonspringen met zes ronden zullen tenminste vier spronggroepen worden gebruikt en wordt in tenminste één ronde een duosprong vooruit gemaakt. Bij het plankspringen is deze duosprong vooruit met aanloop. Binnen de zes ronden mag een spronggroep niet meer dan twee maal voorkomen.
naar
artikel F11 naar artikel F13
( Disclaimer : De op deze site opgenomen teksten zijn afkomstig uit het schoonspring-reglement van de
KNZB. Hoewel de tekst met de grootste zorg is samengesteld en naar beste weten van de
webmaster geen fouten bevat is de tekst in het reglementen
boek van de KNZB leidend. De KNZB is niet verantwoordelijk voor de op deze site
gepubliceerde teksten)
©HMJD/01-01-2006